thuisonderwijs
Opvoeding & Pedagogiek, Persoonlijk leven, Thuisonderwijs & Leren

Het recht om te leren én jezelf te zijn!

Als ouder en pedagoog: waarom het debat over thuisonderwijs ons allemaal aangaat.

De discussie over thuisonderwijs laait regelmatig op. Vaak gaat het dan over wetgeving, vrijstellingen en toezicht. Over leerplicht en de vraag of kinderen wel voldoende leren wanneer zij niet naar school gaan. Maar onder deze discussie liggen grotere vragen verborgen. Vragen die niet alleen relevant zijn voor ouders die thuisonderwijs geven, maar voor iedereen die betrokken is bij de ontwikkeling van kinderen.

Twee jongens met veiligheidsbrillen experimenteren met kleuren in reageerbuisjes tijdens een wetenschapsactiviteit.
Leren door te experimenteren

Als pedagoog én als ouder kijk ik daarom met belangstelling naar het huidige debat. Niet omdat ik denk dat thuisonderwijs voor ieder kind de juiste keuze is. Ook niet omdat ik geloof dat scholen geen waardevolle plek kunnen zijn. Integendeel. Voor veel kinderen biedt school een fijne omgeving om te leren, zich te ontwikkelen en relaties op te bouwen.

Tegelijkertijd zie ik dat niet ieder kind vanzelfsprekend past binnen de bestaande onderwijsstructuren. Sommige kinderen lopen vast. Anderen verliezen hun nieuwsgierigheid, hun zelfvertrouwen of hun plezier in leren. Weer anderen hebben behoeften die moeilijk te verenigen zijn met een systeem dat nu eenmaal gericht is op groepen, programma’s en standaarden.

Dat roept voor mij een fundamentele vraag op: is het doel dat kinderen zich aanpassen aan het systeem, of dat wij leeromgevingen creëren die aansluiten bij wat kinderen nodig hebben?

Twee kinderen schrijven op een stuk papier dat aan de muur hangt, met letters en markeringen.
Leren door te bewgen. Letters zoeken door het hele huis & letterherkenning leren

Onderwijs is een recht. Daar bestaat voor mij geen enkele twijfel over. Elk kind heeft recht op goed onderwijs, op ontwikkeling, op kennis, vaardigheden en kansen. Maar kinderen hebben óók rechten die soms minder nadrukkelijk worden genoemd. Het recht op autonomie. Het recht op een veilige ontwikkeling. Het recht om gezien te worden als individu. Het recht op een leeromgeving die aansluit bij hun mogelijkheden, behoeften en tempo.

Wanneer we spreken over passend onderwijs, zouden we onszelf de vraag mogen stellen hoe passend ons onderwijs werkelijk is wanneer een groeiende groep kinderen uitvalt, thuiszit of langdurig ongelukkig is binnen het systeem.

De discussie over thuisonderwijs raakt daarom aan iets groters dan een keuze voor een specifieke onderwijsvorm. Het gaat over onze visie op kinderen. Over vertrouwen. Over de vraag hoeveel ruimte we durven geven aan diversiteit in ontwikkeling en leren.

Onderzoek laat bovendien zien dat sociaal-emotionele ontwikkeling niet uitsluitend afhankelijk is van schoolgang. Kinderen ontwikkelen zich in relaties, binnen gezinnen, in hun buurt, tijdens sport, spel, vrijwilligerswerk, hobby’s en talloze andere sociale contexten. Leren gebeurt overal waar mensen betekenisvolle ervaringen opdoen. Dat betekent niet dat school onbelangrijk is. Wel dat ontwikkeling groter is dan onderwijs alleen.

Voor mij ligt de kern daarom niet in de vraag of een kind naar school gaat of thuisonderwijs krijgt. De kernvraag is of een kind de ruimte krijgt om zich te ontwikkelen op een manier die recht doet aan wie het is.

Een kind op een fiets, gekleed in beschermende kleding en een helm, staat op een grindpad bij een sportlocatie.
Socialiseren is ook o.a. deelnemen aan verschillende clubjes

Betrokken ouderschap vraagt om nuance en maatwerk. Dat geldt ook voor onderwijs. Geen enkel kind is hetzelfde. Waarom zouden we dan verwachten dat één route voor iedereen passend is?

Misschien moeten we het debat daarom minder voeren vanuit systemen en regels, en meer vanuit kinderen. Niet vanuit de vraag hoe we kinderen passend maken voor onderwijs, maar hoe we onderwijs passend maken voor kinderen.

Drie kinderen tekend aan een tafel buiten, met kleurpotloden en papier.
Elke week een ander Kunst onderwerp. Leren kennismaken met materialen en kunst & geschiedenis onderwerpen

Want uiteindelijk heeft ieder kind recht op onderwijs. Maar misschien nog wel belangrijker: ieder kind heeft recht op een manier van leren en ontwikkelen die aansluit bij zijn of haar eigen mogelijkheden, talenten en behoeften.

Dat vraagt om vertrouwen. In kinderen. In ouders. In professionals. En vooral in het vermogen van mensen om samen verantwoordelijkheid te dragen voor ontwikkeling en leren.

Misschien is dat wel de belangrijkste pedagogische opdracht van onze tijd.


De discussie over thuisonderwijs gaat niet alleen over leerplicht, maar ook over kinderrechten, autonomie, sociaal-emotionele ontwikkeling en de vraag hoe passend ons onderwijs werkelijk is.


Kinderen spelen in een bos met groene bladeren en een opvalt boomstronk.
Elke week het bos in (Forest school)

Een tijdschrift met de titel 'Thuisonderwijs' ligt op een houten tafel. Op de cover zijn twee mensen te zien die lachen en met elkaar in gesprek zijn, omringd door boomstammen. De tekst op de cover bespreekt onderzoeken en verhalen over thuisonderwijs, met de maand en jaartal mei 2026.

Ps. Mocht je het nog niet doorhebben, wij zijn pro-thuisonderwijs. Dit werkt voor ons gezin. Ik zie vooruitgang en motivatie voor het leren. In de foto’s zie je een miniscuul deel van ons thuisonderwijsleven hoe dat er uit ziet. Mocht je meer willen weten of zien, volg ons op social media!

Ook de NvvTO verschaft ontzettend veel informatie omtrent thuisonderwijs.

Erken je thuisonderijs ook als onderwijsvorm? Teken hier de petitie!

Opvoeding & Pedagogiek, Thuisonderwijs & Leren

🌱 Wat Maria Montessori mij leerde

Over vertrouwen, structuur en het volgen van het kind

Inleiding

De afgelopen jaren ben ik steeds dieper gaan nadenken over wat kinderen echt nodig hebben om te groeien. Niet alleen op schoolniveau, maar als mens. Tijdens mijn opleiding Pedagogiek maakte ik kennis met verschillende visies, en gaandeweg vond ik mijn eigen weg daarin. Deze blog gaat over hoe ik, via omwegen, bij Maria Montessori terechtkwam — en hoe haar gedachtegoed mijn thuisonderwijs en moederschap blijvend heeft veranderd.


Van Reggio Emilia naar Montessori

Tijdens mijn opleiding Pedagogiek raakte ik gefascineerd door de Reggio Emilia-benadering. De creativiteit, de schoonheid van het materiaal, de nadruk op het kind als onderzoeker — het sprak me allemaal aan. Het voelde vrij, kunstzinnig en kindgericht. Inmiddels ben ik erg geintresseerd in de atelier pedagogen en hoe zij te werk gaan. Maar dit bewaar ik voor een andere keer omdat ik de kinderen een stukje kunstontwikkeling wil meegeven en aan het onderzoeken ben hoe ik dat gaan uitvoeren.

Maar toen ik zelf moeder werd, en nog voordat ik thuisonderwijs ging geven aan mijn kinderen, merkte ik dat Reggio Emilia voor ons gezin wat te losjes was. De visie is prachtig, maar ik liep vast in de uitvoering. Er was behoefte aan meer rust, meer ritme, meer houvast. Ik ben er bijvoorbeeld achter gekomen dat daar waar de meeste kinderen zelf spelen, dit totaal niet gebeurde in ons gezin. Nu zie ik het wat bij de jongste terug. Maar bij de oudste totaal niet. Er was en is atlijd aanzet nodig (een uitnodiging tot spelen) en er werd vooral veel kapot gemaakt. Bij Reggio komt het heel erg uit het kind en wacht je dat af.

Zo kwam ik bij Maria Montessori terecht. Ik ontdekte dat zij in zekere zin op dezelfde fundamenten bouwde — respect voor het kind, leren vanuit nieuwsgierigheid, een omgeving die uitnodigt tot ontdekken — maar daar structuur en duidelijkheid aan toevoegde. En precies dat bleek te passen bij ons gezin. En ik kwam erachter dat zij ook vooral begonnen is met kinderen die anders leren, anders in de maatschappij staan en dat gaf mij hoop.

Tafel met natuurlijke materialen zoals takjes, stenen en kleurpotjes voor creatief spel en leren.
Verschil Reggio (links) & Montessori (rechts)

Het kind dat ik écht zie

Ik heb vier kinderen, onder wie één kind met autisme en een beperking. Montessori’s gedachtegoed hielp me om niet te focussen op wat “anders” is, maar op wat ís. Om te zien hoe elk kind, in zijn eigen ritme en op zijn eigen manier, bezig is om zichzelf te vormen.

Montessori schrijft: “Help mij het zelf te doen.”
Die woorden klinken eenvoudig, maar ze bevatten een wereld aan wijsheid. Ze herinneren me eraan dat mijn taak niet is om te sturen of te duwen, maar om ruimte te geven. Om te helpen zónder over te nemen.

Soms betekent dat dat ik dingen loslaat die ik uit het schoolsysteem gewend was. Dat ik accepteer dat leren niet altijd stil aan tafel gebeurt, maar soms juist in beweging, in stilte of in herhaling. En dat ik vertrouw op het proces — ook als ik het even niet kan overzien.

Een collage van kinderen die met verschillende educatieve materialen spelen en leren, waaronder letterkaarten en manipulatief speelgoed, in een huiselijke omgeving.

De voorbereide omgeving — in huis en in mijzelf

Een van de mooiste inzichten van Montessori is het idee van de voorbereide omgeving. Eerst dacht ik dat dit vooral ging over het huis: lage planken, mooi materiaal, overzichtelijke werkplekken. Maar gaandeweg ontdekte ik dat ík zelf misschien wel de belangrijkste omgeving ben.

Mijn houding, mijn rust, mijn vertrouwen — dat is wat mijn kinderen het meest voelen. Als ik gespannen ben, wordt het leren stroperig. Als ik ontspannen ben, stroomt het weer. De voorbereide omgeving begint dus bij mijn eigen binnenwereld.


Vertrouwen boven controle

Montessori heeft me geleerd dat opvoeden en onderwijzen niet draait om het vormen van kinderen naar onze verwachtingen, maar om het volgen van hun innerlijke lijn. Elk kind heeft een natuurlijke drang om te groeien, te leren en zichzelf te worden — als we durven loslaten en vertrouwen.

Er zijn dagen waarop het chaotisch is. Dagen waarop ik twijfel of ik het goed doe. Maar telkens weer vind ik mijn anker in Montessori’s woorden:
Help mij het zelf te doen.


Slotgedachte

Soms denk ik dat opvoeden vooral een oefening is in vertrouwen. In het kind, maar ook in onszelf. In de rust die ontstaat wanneer we niet alles willen beheersen, maar simpelweg aanwezig zijn.

Misschien is dat wel de kern van wat Maria Montessori mij leerde —
dat groei vanzelf plaatsvindt, als we durven kijken, wachten en geloven. 🌿

Een inspirerende quote van Maria Montessori over de grootste geschenken die we aan kinderen kunnen geven: de wortels van verantwoordelijkheid en de vleugels van onafhankelijkheid.
Opvoeding & Pedagogiek, Persoonlijk leven, Thuisonderwijs & Leren

🕒 Rust en duidelijkheid

– Waarom structuur helpt bij thuisonderwijs (of met jonge kinderen) en de rol van dagritme kaarten hierin –

Toen wij begonnen met thuisonderwijs, wist ik één ding zeker: structuur is belangrijk.
Met vier kinderen — waaronder één met ASS en LVB — merkte ik al snel dat een rustige dagindeling geen luxe is, maar een basis voor een fijne dag.

Dagritmekaarten zijn daarbij voor ons onmisbaar geworden.
Ze geven houvast, maken de dag voorspelbaar en zorgen voor minder vragen en onrust. En eerlijk? Ze maken het voor mijzelf ook een stuk makkelijker om het overzicht te houden.


📌 Wat zijn dagritmekaarten?

Dagritmekaarten zijn visuele kaartjes die laten zien wat er op een dag gaat gebeuren.
Elk kaartje staat voor een activiteit, bijvoorbeeld: ontbijten, buitenspelen, opdrachtjes maken of een rustmoment.

Door ze op een bord te hangen of neer te leggen, ziet je kind in één oogopslag wat er volgt. Voor kinderen die moeite hebben met veranderingen of planning (zoals bij ASS of LVB) werken ze als een zachte reminder: “Dit is wat er nu komt, en daarna…”.

Maar ook voor kinderen zonder extra ondersteuningsbehoeften kan het heel fijn zijn: een dag die zichtbaar en voorspelbaar is, geeft rust in elk gezin. En rust, dat is alles waard!


🏡 Hoe wij ze thuis gebruiken

Bij ons hangen de dagritmekaarten op een magneetbord in de woonkamer.
’s Ochtends kies ik samen met de kinderen welke kaarten we die dag nodig hebben.
We zetten ze in volgorde en draaien of halen ze weg zodra de activiteit voorbij is. Ik moet er wel bij zeggen dat we in de avond al een selectie maken in de dagritmekaarten zodat we de bijhorende spulletjes klaar kunnen zetten of achter de hand hebben. Oftewel, de kinderen een keuze geven en tegelijk zelf regie en overzicht houden.

Sinds kort hebben we ook een weekplanner op de koelkast hangen. Dezelfde dagritmekaarten passen hierop en deze combineren we met de foto’s van de kinderen. Zo ontstaat er gevoel voor de het leren kennen van de dagen en weten de kinderen wat ze kunnen verwachten in dezelfde week.

Soms gebruiken we ze allemaal op een rij, soms alleen het eerstvolgende moment.
En op rustige dagen hangen er alleen de basiskaarten, zoals “ontbijt”, “spelen” en “buiten”. En op de dagen die anders zijn zoals een speeltuin o.i.d. houden we ons juist nog iets meer vast aan de dagritmekaarten. Het haalt namelijk grotendeels de spanning weg.

Het mooie is: je kunt het helemaal aanpassen aan je gezin en ritme.

🎁 Gratis: probeer 2 kaartjes

Wil je meer rust en overzicht in huis?
Ontvang nu 2 gratis dagritmekaarten om zelf te ervaren hoe fijn en duidelijk ze werken.
Meld je hieronder aan en krijg de kaartjes direct in je mailbox.

👉 Aanmelden!

Print ze uit, knip ze en leg ze neer of hang ze op het bord. Zo kun je meteen zien wat het voor jullie doet.

“Geen spam, alleen praktische tips & materialen die écht werken.”


💡 De complete set

Vind je het handig? Dan is er ook een volledige set met 80+ dagritmekaarten.
Rustige kleuren, herkenbare pictogrammen, direct te printen en te gebruiken.

Tip: Print ze dubbel zodat je bijvoorbeeld sommige dagritmekaarten vaker achter elkaar kan zetten op een whiteboard (zoals toilet bijv.) Inclusief instructies hoe de dagritmekaarten in elkaar te zetten!

💸 [Bekijk hier de volledige set]


✨ Rust, overzicht en duidelijkheid — soms zit het in iets kleins als een kaartje.
En vaak maakt dat juist het grote verschil in je dag. Misschien brengen ze ook bij jullie dat beetje extra rust.